home | nieuwsblad | informatie
Syngnathus acus Linnaeus, 1758
NL Grote zeenaald GB Greater pipefish FR Grande aiguille de mer DE Grosse Seenadel DK Stor tangnål NO Stor kantnål
×
grote_zeenaald-lg.png
grote zeenaald
×
kop-lg.jpg
kop
 Overzicht 
 BeschrijvingHun snuit is verlengd en ze kunnen met hun kleine bekjes maar hele kleine prooien pakken. Die worden met een soort zuigbeweging naar binnen getrokken. Ze hebben een uitwendig harnas, bestaande uit beenplaten, die bijna ringen vormen. Dat kan ze een geringd uiterlijk geven. De groep is verder bijzonder, omdat de mannetjes een broedbuidel hebben. Ze hebben, op een rugvin na, nauwelijks vinnen. Zie ook onze logé in 2004.
 Aquariologiezeenaalden zijn relatief makkelijk te houden in een aquarium. Ze houden van weinig stroming en hebben plekken nodig om zich te hechten en te verbergen zoals wieren. Ze hebben moeite met voedselconcurrentie, dus ze worden het beste gehouden in een omgeving met alleen de eigen soort of met soorten die een ander voedsel patroon hebben. Ze willen levend eten.
   
 Bouw 
 Lengte500 mm
 Kleurgrijsachtig bruin of groenachtig, waarbijde bovenkant wat donkerder is dan de onderkant
 Kopsnuit langer dan halve koplengte (gemeten vanaf de kieuwdeksels); benige uitstulping achter de kop
    Beklanggerekt; kleine mondopening
       Tandennee
    Kieuwdekselsbeenige plaat; radiair gestreept
    Kieuwenhaarachtig
 Lichaamlangwerpig, slangachtig; benige lichaamsringen; 17-21 ringen voor de anaalopening, 39-43 ringen achter de anaalopening; de mannetjes hebben een broedbuidel die bestaat uit twee huidplooien aan de buikzijde
 Rugvin34-45 vinstralen
 Vetvinnee
 Staartvinklein
 Buikvinnee
 Borstvinja; (13-stralig geteld bij 1 ex.)
   
 Anatomie 
 Skeletbeenachtig
   
 Het leven 
 Paaitijdvoorjaar en zomer
 Eierenvrouwtje produceert tot 200-400 eieren, die ze verspreidt over schillende mannetjes. De broedbuidel van de mannetjes bevat eitjes van verschillende vrouwtjes. De jongen zijn ongeveer 30 mm als de eieren na 5 weken uitkomen.
 Juveniele faseBij een lengte van 4 cm verlaten de jongen definitief de broedbuidel. Tot die tijd komen ze er nog regelmatig in terug.
 Levensverwachting6 jaar
 Voedselroeipootkreeftjes, aasgarnalen en vislarven
 Habitattot 110 meter diepte; leven tussen wier en mosdiertjes op zand- en modderbodems
    Saleniteitzout- en brakwater
 VerspreidingGrote oceaan, Atlantische Oceaan en Middellandse-Zee, Indische Oceaan
   
 Bronnen 
 Websites
  1. www.liveaquaria.com

 
2006 - 2019 strandvondsten.nl / Commentaar, aanvullingen en suggesties: info@strandvondsten.nl