| Overzicht | |
| Beschrijving | Duidelijke middenrib, geen gasblazen. Het thallus heeft de neiging spiraalsgewijs te draaien. De voortplantingsorganen vormen afgeronde zwellingen aan de uiteinden van de takken, gewoonlijk in paren met een smal, plat randje. |
| Habitat | Juist onder de hoogwaterlijn. Op beschutte plaatsen. Op stenen en hout. |
| Determinatie | |
| Lengte | 200 mm |
| Thallus vorm | Hoofdstam met kortezijtakjes, neiging tot spiraalsgewijs draaien |
| Middenrib | ja |
| Luchtblazen | 0 |
| Vruchtlichamen | Blazen aan het uitweinde van de takken. Gepaard en voorzien van een smal, plat randje |
| Kleur | Olijfbruin |