logo
Venericor planicosta [Lamarck, 1801]
Zwinkokkel
index - tweekleppigen - Carditidae - Venericor
 Overzicht  
 Beschrijving: Grote, dikschalige schelp. De exemplaren die op het strand gevonden worden zijn vaak sterk verweerd, zodat de ribben dan bijna niet te zien zijn.
 Habitat: noordwest-Europa en Noord-Amerika
 Tijdvak: Eoceen, uitgestorven, alleen nog fosiel
 Vindplaatsen: Dankt zijn naam aan de vindplaats de Zwinstreek, verder West Zeeuws-Vlaamse (Cadzand) stranden en het oostelijk deel van de West-Vlaamse kust maar soms ook daarbuiten, zoals in het Sloegebied, Schouwen en de Maasvlakte.
 Etymologie: De geslachtsnaam Venericor betekent: Hart van Venus. De soortnaam Planicosta betekent: Vlakke ribben
 Synoniemen: Cardita planicosta (Van Regteren Altena, 1937), Megacardita planicosta (Janssen et al., 1972)
 
 Vorm  
 Dikte: dik
 Gelijkzijdig: nee
 Gelijkkleppig: ja
 
 Schelp opbouw  
 Apex: gebogen
 Periostracum  
 Ostracum  
    Radiale sculptuur: 25-32 radiale ribben worden bij toenemende leeftijd geleidelijk minder scherp en vlakken af, waardoor ze steeds lager en breder worden.
 Slot  
 
 Het Weekdier  
 Sluitspieren  
 Voet  
 Byssus  
 
 © 2009 Dennis Leeuw & Anneke van der Lende / Commentaar, aanvullingen en suggesties: info@strandvondsten.nl