| Overzicht | |
| Beschrijving | Een grote, grove schelp die lijkt op een grote kokkel. Vanaf de top lopen stevige ribben. Over het algemeen vind je ze op de waddeneilanden en deze exemplaren zijn blauw/grijs verkleurd. Van deze oudere exemplaren zijn de stekels vaak afgesleten, op de riben kun je echter vaak nog wel de aanhechting van de stekels zien. |
| Lijkt op | Geknobbelde hartschelp, Grote hartschelp |
| Vindplaatsen | Fossiele exemplaren (blauw/grijs verkleurd) hoofdzakelijk op de waddeneilanden (Eemien), langs de rest van de kust zeldzaam, ook verse exemplaren. Doubletten zeer zeldzaam. In Zeeland kunnen ze ook levend worden aangetroffen. |
| Tijdvak | vanaf Plioceen1, niet fossiel bekend uit de ondergrond van Nederland en België. Wel is zij aanwezig in interglaciale mariene afzettingen in de ondergrond van de Noordzee2 |
| Etymologie | Doubletten zijn hartvormig. |
| Bijzonderheden | De schelpen kunnen over het zand rollen zonder dat het weekdier beschadigd raakt. |
| Het leven | |
| Levensverwachting | 6 jaar1 |
| Habitat | ingegraven in zand- of modderbodem. Noordzee meestal tussen 15-35 meter.1, bekend tot 350 meter diep. |
| Verspreiding | Oostzijde van de Atlantische Oceaan van de Noordkaap tot de Kanarische eilanden. Ook in de Middellandse Zee. Ook bij Groenland. Niet in de Oostzee. In de Noordzee algemeen.1 |
| De Schelp | |
| Basis vorm | bijna rond1 |
| Hoogte | 65 mm |
| Lengte | 75 mm |
| Breedte | 38 mm |
| Dikte | stevig1 |
| Gelijkzijdig | ja |
| Gelijkkleppig | ja |
| Umbo | sterk gewelfd1 |
| Apex | omgebogen1, steekt uit2 |
| Periostracum | |
| Periostracum kleur | roestbruin1 |
| Periostracum structuur | vezelig1 |
| Ostracum | |
| Ostracum kleur | geelwit, met bruine vlekken1 |
| Haakse sculptuur | 18-22 brede ribben, in het midden van de ribben ligt een groef. Op het achterste deel van de schelp zijn de ribben vaak smaller en minder uitspringend.1 |
| Rib aantal | 18-221 |
| Rib vorm | bijna rechthoekig, breed1,2 |
| Rib sculptuur | in het midden van de ribben ligt een groef, waarin stekels. De stekels zijn verbinden door een kleine richel.1, over de ribben vrij grove parallelle richels2 |
| Groeven | bijna evenbreed als de ribben1 |
| Groeven sculptuur | vrij grove parallelle richels2 |
| Stekels | kort, rond, iets naar voren gekromd, in de groef op de ribben, worden van de top af en naar de voorrand toe groter1,2 |
| Binnenkant kleur | wit1 |
| Binnenkant structuur | porceleinachtig glanzend. Groeven duidelijk zichtbaar en lopen bijna door tot aan de apex1 |
| Slot | |
| Slot-type | heterodont1 |
| Cardinale tanden |
L: 21 R: 11 |
| Laterale tanden | 21 |
| Mantelbocht | nee |
| Sluitspieren | |
| Sluitspierindruksels | 2; even groot |
| Het Weekdier | |
| Siphonen | kort |
| Sluitspieren | |
| Voet | |
| Voet vorm | ontwikkeld |
| Bronnen | |
| Tekst |
1 - Benthem Jutting,Tera Van, Fauna van Nederland, afl. 12: Mollusca (I) C. Lamellibranchia. Leiden, 1943. 2 - Wikipedia |