logo
Scrobicularia [Schumacher, 1817]
home - tweekleppigen - scrobiculariidae
 Overzicht  
 Tijdvak: bekend vanaf het Plioceen
 
 Het leven  
 Verspreiding: Oostzijde van de Atlantische Oceaan van Zuid-Noorwegen tot Marokko. Westelijk deel van de Oostzee, Middlandse Zee, Pacifische Oceaan en Indo-Australische gebied.
 
 De Schelp  
 Basis vorm: vrij groot, samengedrukt, ovaal
    Dikte: niet of weinig doorschijnend
    Voorrand: weinig gapend
    Achterrand: weinig gapend, soms wat stomper dan de voorrand
 Apex: ongeveer in het midden, duidelijk maar niet erg uitspringend
 Periostracum  
    Periostracum dikte: dun Periostracum dikte: dun
    Periostracum kleur: geelachtig Periostracum kleur: geelachtig
 Ostracum  
    Ostracum kleur: Wit of geelachtig tot lichtbruin, effen
    Ostracum structuur: glanzend of bijna zonder glans Ostracum structuur: glanzend of bijna zonder glans
    Parallelle sculptuur: onregelmatige groeilijnen afwisselend fijn en grof
    Binnenkant structuur: zacht glanzend
    Umbonale holte: weinig gewelfd
 Slot  
    Ligament: Uitwendig en inwendig
    Resiliumveld: driehoekige holte, vlak achter de umbo
    Slot-type: heterodont
    Slottanden: weinig ontwikkeld, tanden klein (hemidapedont)
    Cardinale tanden: L: 1
R: 2
    Mantelbocht: wijd
 Sluitspieren  
 
 Het Weekdier  
 Siphonen: lang, dun, over de gehele lengte vrij
    Mantelbocht: wijd
 Sluitspieren  
 
 Bronnen  
 Literatuur: 1 - Benthem Jutting,Tera Van, Fauna van Nederland, afl. 12: Mollusca (I) C. Lamellibranchia. Leiden, 1943.
 
 © 2010 Dennis Leeuw & Anneke van der Lende / Commentaar, aanvullingen en suggesties: info@strandvondsten.nl