Petricola [Lamarck, 1801]
 
index - tweekleppigen - Petricolidae
 Overzicht  
 Soorten Amerikaanse boormossel
 
 Het leven  
 Habitat leven in spleten of gangen van rotsen (hierdoor raakt hun schelp vaak vervormd). Ook zijn er soorten die in hout, veen of stijve klei boren.
 Verspreiding Tropen, Noord-Atlantische en Noord-Pacifische Oceaan, bij Australië
 
 De Schelp  
 Basis vorm Schelp nootvormig, kort-ovaal of lang-ovaal, dikwijls onregelmatig gevormd
    Hoogte Hoogte:
    Breedte Breedte:
    Dikte niet doorschijnend
    Bovenrand gebogen bij korte schelpen en recht bij de lange schelpen
    Onderrand gebogen bij korte schelpen en recht bij de lange schelpen
    Voorrand regelmatig rond
    Achterrand regelmatig rond, gapend
    Apex ver vooraan
 Periostracum  
 Ostracum  
    Ostracum kleur Wit, of geelachtig, of licht vleeskleurig
    Ostracum structuur zonder glans
    Parallelle sculptuur lijnen
    Haakse sculptuur ribben, die bij enkele soorten plaatselijk zeer sterk ontwikkeld zijn en door schubben of stekels een raspstructuur krijgen.
    Lunula niet duidelijk
    Area niet duidelijk
 Slot  
    Ligament uitwendig
    Tensilium vorm kort
    Cardinale tanden 1, 2, of 3
    Mantelbocht ja, duidelijk, die bij vele soorten tot aan het midden reikt
 Sluitspieren  
 
 Het Weekdier  
 Mantelrand grotendeels vergroeid
 Siphonen zeer groot, aan de basis vergroeid verder vrij
 Sluitspieren  
 Voet  
    Voet vorm klein
 
 Bronnen  
 Tekst 1 - Benthem Jutting,Tera Van, Fauna van Nederland, afl. 12: Mollusca (I) C. Lamellibranchia. Leiden, 1943.
 
 © 2010 Dennis Leeuw & Anneke van der Lende / Commentaar, aanvullingen en suggesties: info@strandvondsten.nl