|
Schelpen zijn de huisjes van weekdieren (mollusken). De dieren uit deze groep worden opgedeeld in de volgende categorieën:
Keverslakken (Chitons) Keverslakken hebben een huisje dat uit acht platen bestaat. De soorten zijn te vinden in de keverslakken sectie.
Tweekleppigen (Bivalvia) De tweekleppigen of bivalvia zijn weekdieren die gebruikmaken van een schelp die bestaat uit tweekleppen. Ze gebruiken sluitspieren om deze twee kleppen op elkaar te houden. De schelpen van de tweekleppigen worden behandeld in de sectie Tweekleppigen
Slakken (Gastropoda) De slakken of gastropoda kunnen een huisje hebben, maar ze kunnen ook geen huisje hebben. Denk maar aan huisjesslakken en naaktslakken. Er zijn ook slakken met een dusdanig gereduceerd huisje dat er nauwelijks van een huisje sprake is. Deze schelp restanten zitten vaak in de slak als een soort inwendige versteviging. De schelpen van de huisjesslakken en de reduceerde huisjes worden behandeld in Slakkenhuizen. De naaktslakken hebben hun eigen sectie op deze site.
Inktvissen (Cephalopoda) Ook de inktvissen hebben een schelp al zou je dat niet zeggen. De schelp van inktvissen is een inwendige schelp die werkt als een soort skelet. De bekenste inktvisschelp is het zeeschuim dat ook in vogelkooitjes wordt gebruikt. Meer over de schelpen van inktvissen kan je vinden in de sectie Inkvissen.
|